Grevelingen 11 juli 2020

Vanwege het coronavirus zal de (of in ieder geval mijn) eerste grootwatertocht dit jaar naar relatief rustig water, zonder getijdestroming gaan: de Grevelingen. Op de site aangemerkt als een tocht voor de beginnend grootwatervaarder. Maar helaas, die waren er dus niet bij. Met een groepje van 7 vertrekken we, kano’s op het dak van de auto’s, samen rijdend of juist niet, richting Den Osse op het Zeeuwse eiland Schouwen-Duiveland.

Ik dacht dat ik na 7 jaar daar in een groepsaccommodatie te hebben verbleven de weg er naartoe wel te kennen. Maar  dus niet. Maar via de A4 was het weliswaar iets om, naar een kwartier na de mannen kwamen wij, vrouwen aan. Het is mooi weer en het strandje begint al langzaam bezet te raken. Snel de kano prepareren en uiteindelijk zitten wij, vrouwen, na een korte briefing als eerste op het water.

We varen eerst op het eilandje Ossehoek aan. De bedoeling is om daar kort aan te leggen. Maar we zijn  er al snel en op het eilandje zitten jongeren rond een tent, waar naast de kratten bier opgestapeld staan. Na een kort drijfpauze varen we door naar de Oostkant van het grotere eiland Hompelvoet. We moeten rekening houden met de vaargeul(en) en met zeilboten, die zoals we weten voorrang hebben. En het zijn er nogal wat. Wel een prachtig gezicht, die schuingaande zeilboten, hun veelal witte zeilen strak in de wind!  Het moet gezegd, soms gaat dat ook fout; menig zeilboot gaat om. Het is dan nog een hele toer om zo’n boot weer recht te krijgen. We zien zelfs een boot om liggen en bij een poging hem recht te krijgen zelfs helemaal op z’n kop belanden. Maar hulde, de bemanning krijgt de boot desondanks weer overeind. Een rood motorbootje scheert over het water om links en rechts eventueel hulp te bieden.

Het eiland Hompelvoet mag niet betreden worden, vanwege het broedseizoen. Op het eiland lopen onder andere fjordenpaarden rond, maar die tonen zich vandaag niet aan ons. Walter probeert ons te laten navigeren; op de boeien, kompas of op zicht. Maar met alle drukte op het water moet je ogen van voren en van achteren hebben. We varen zuid-oost naar  oostelijk van de werkhaven Bommenede. Nog wel even een vaargeul oversteken! Belgische duikers hebben een partytent opgezet, maar er is gelukkig nog een mooie aanlegstek voor ons, zodat we kunnen aanleggen volgens de eisen van de anderhalve meter-samenleving.

Na deze pauze varen we terug op Den Osse. Onder de eilanden Stampersplaat en Dwars in den Weg langs . Wat een prachtige namen hebben deze eilanden toch!
De karakteristieke kerk van Brouwershaven is laat zichtbaar achter de dijk. En dan naderen we het strandje bij Den Osse. Het is aanzienlijk drukker dan vanochtend, niet zo gek met dit prachtige weer. Tot verwondering van menigeen aan de wal gaan die gekke kanoërs vervolgens allerlei rollen maken en komen ze ook weer boven!

Als alles weer op de auto’s geladen is, wordt een ijsje op de Brouwersdam gegeten en gaat vervolgens iedereen op de vereniging aan. Boten en ander materiaal spoelen en naar huis!
Het was weer een prachtige dag en een mooie tocht. Jammer dat er niet meer mensen mee waren.

En nog een gratis tip: smeer ook je lippen in met lippenbalsem met UV-bescherming!

Verslag: Birgit

Tochtleider: Walter, assistent Arjan.

Vaarders: Mathijs, Berend, Rob, Saskia en Birgit

 

Gepost in Algemeen, Verslagen, Vlakwater | Plaats een reactie

Vier dagen kanokamperen

Achteraf weet ik niet eens hoe het idee ontstaan is. 4 dagen kanokamperen. Misschien wel naar aanleiding van een kampeerweekend op Terschelling verleden jaar, in een te kleine tent. Maar maakt eigenlijk ook niet uit. 4 dagen kamperen én kanoën in deze coronatijd leek ons drieën in ieder geval een prima idee. Er werd een iets grotere, maar niet zwaardere tent aangeschaft, een mooi laag compact brandertje en een compact matrasje. Daarna volgde nog een voorbespreking over wie wat aan eten mee zou nemen, er werd proef-gepakt en de laatste puntjes werden op de i gezet. 23 Juli vertrokken we.
De eerste tocht ging naar camping De Drecht in Leimuiden, aan de Drecht dus.
Ik was nog even bang dat de kano zou zinken op het moment van instappen, maar dat viel alles mee.

Het was even wennen aan de grotere diepgang. Het eerste stuk is bekend; Hoogmade, Wijde Aa, stukje De Hemmen. Daarna de Braassem over, voor de één wat groter water dan voor de ander. Windkracht 3 tot 4 van schuin achter. Van groene ton naar groene ton naar

Oude Wetering, waar het wat minder ‘ruw’ wordt. Rechtsaf De Drecht op richting onze eerste camping. Kijk daar gaan ze; voortvarend. Na ruim 20 kilometer varen bereiken we de eerste camping. Er liggen wat bootjes afgemeerd en er is gelukkig één plek niet bezet, zodat we daar kunnen uitstappen. Er ligt een behoorlijk dijkje, waar de zwaarbeladen kano’s opgetild moeten worden. Bij de camping lenen we een grote kruiwagen, waar we al onze bagage op laden. We kruien de hele stacaravan-camping over naar het helemaal achteraan liggende grasveld. De kano’s kunnen vooraan in een af te sluiten schuur. Een lekker koud biertje en daarna een zelfbereide soepmaaltijd met stokbrood, kaasjes en wijn, sluiten deze prachtige dag af.

De volgende dag gaat de exercitie de andere kant op, richting het water. Nog even een theedoek (heel schoon, met scheur, maar beter dan niets) en een spons geregeld, want anders is het wel heel spartaans. En daar gaan we, richting Tolhuissluis. Via het kleine sluisje worden we geschut. Grappig om te zien dat in de grote sluis, links van ons, een groter schip precies de andere kant op geschut wordt. We varen verder over de Amstel langs het -onopvallende- ‘Drie provinciepunt’; ik zie later op de kaart dat we dit punt gepasseerd zijn.  Iets verder ligt het prachtige clubhuis van de Uithoornse Roei- en Kanovereniging. Het is wat bewolkt, maar droog. En op het water is het eigenlijk onzomers rustig. Vrij eenvoudig vinden we de afslag naar de Kromme Mijdrecht. Het kan bijna niet, maar toch weer een mooier water dan we al gehad hebben. Een stuk verder wordt er gezwommen en blijken we bij onze volgende camping , Amstelkade, te zijn aangekomen. Een mooie houten vlonder met daarachter gras, waar we de kano’s op leggen om eerst een campingplek te bekijken. Daarna wordt het kanokarretje ondergebonden en worden de kano’s één voor één naar de kampeerplek gereden. Dat gaat een stuk beter dan dragen dus. We drinken in een heerlijk zonnetje een wijntje en koken en eten aan een picknicktafel.

Zaterdagochtend, de 3e dag, ziet de lucht er dreigend uit. We breken de tenten droog op, altijd fijn. Nadat de kano’s gepakt zijn gaan we eerst voor een koffie en appelgebak met slagroom bij de zorgboerderij. Lekker. Daarna begint het wat te spetteren en zoeken we onze kano’s op. We laten ze te water. In de kano word je hoogstens half nat; de onderste helft blijft droog onder het spatzeil. Het regent niet hard, maar wel gestaag. Al snel zijn we bij Woerdense Verlaat. We denken de goede afslag te nemen, en komen uit bij een brug met meteen daarachter een sluis. De sluiswachter kan ons niet zien door de brug, maar op enig moment weten we zijn aandacht te trekken. Normaal gesproken schut hij geen kano’s (hè?), maar kennelijk heeft hij medelijden met deze 3 half verzopen 60+ dames en hoeven we niet over te dragen. Óf hij is blij dat hij wat te doen heeft, dat kan ook. Een motorbootje dat iets na ons komt aantuffen, en waar we makkelijk op hadden kunnen wachten, wordt niet mee geschut maar moet wachten. We zakken in de sluis ongeveer een meter, voordat we de Nieuwkoopse Plassen op kunnen.

We varen met rechts van ons een groot gesloten gebied met een aantal leuke doorkijkjes. Rechts van ons staat een roerdomp op het veen. In eerste instantie blijft hij rustig staan, maar dan vliegt hij toch van ons weg. We komen een motorbootje tegen met de 2 opvarenden heel knus onder een hele grote paraplu. Het is wat zoeken in dit grillige veengebied met talloze eilandjes en doorvaarten. In de verte is de kerktoren van Noorden te zien. Bij een verkeerde beweging van mijn rechterarm loopt het water via mijn mouw en schouder over mijn rug. Brrr. Bij de kerk ligt een horecagelegenheid en in deze nattigheid is iets warms op een droge plek heel erg welkom. Als we er bijna zijn komt ons een groep beginnend SUP-pers tegemoet. Het is inmiddels nagenoeg gestopt met regenen.

De rest van de vaardag blijft het droog. De kanoroute-bordjes zijn slecht te vinden. We varen deels tegen de route in en dat kan niet. Dan vind je de bordjes niet. Ze zijn sowieso slecht zichtbaar en dan weet je vaak nog niet welke richting je op moet voor het volgende bordje. Onderweg ontstaat even discussie, maar eigenlijk maakt het niet uit hoe we varen. Het is zo verschrikkelijk mooi hier. We lijken op de goede weg. Volgens Jaap gaan we vanzelf de doorvaarbare stuw naar de Meije zien. Dat klopt wel, we zien hem op enig moment, maar we zien ook dat het achterliggende water een diepgang van 15 a 20 centimeter heeft. Dat staat aangegeven, maar is ook voorbij de stuw goed zichtbaar: net voorbij de stuw is de sloot volkomen dichtgegroeid. Mogelijk door het voedselrijke water. Met 14 dammen en doorvaarbare stuwen regelt het waterschap dat het voedselrijke water uit de Meijegraslanden zich nu enkel nog minimaal kan vermengen met het water van het plassengebied. En dat is zo te zien maar goed ook. Gelukkig treffen we 2 kanoërs van de Alphense kanovereniging, die voor deze gelegenheid een kano gehuurd hebben. Zij wijzen ons de goede richting op; rode boei, puntje waarop zwarte sternen broeden ronden, naar een andere stuw ‘het gaatje van Herman’, waar we wel door kunnen.

Door een smal slootje varen we op de kerk van De Meije  aan en komen vervolgens netjes op het slingerende riviertje De Meije, zonder overdragen. Het zonnetje schijnt inmiddels weer. We passeren de 58 meter hoge witte watertoren ‘Pietje Potlood’ van buurtschap De Meije. Na nog een aantal slingers in het riviertje en bruggen komen we bij onze camping. Aan een doodlopend, heel ondiep stukje leggen we aan. De SVR-camping wordt verkend en we besluiten de tenten op te zetten op het sportveld, bij de op dit moment niet in gebruik zijnde doelen. We worden een bezienswaardigheid voor vakantiegangers in hun caravans die op hetzelfde veldje staan. De warme avond maaltijd wordt in de open lucht bereid en genuttigd. De wijn smaakt ook weer prima. In het prachtige corona-proof toiletgebouw doen we de afwas en maken we ons klaar voor de avond en nacht. Er wordt zware regen verwacht. Nou, die verwachting komt uit. Het hoost bij tijden, tussen wat lichtere buien door. Maar droog is het voorlopig niet. In de tent wel, hoewel één van onze tenten wel een lek grondzeil heeft, wat ’s ochtends blijkt bij het opbreken.

De 4e dag is de dag waar ik het meest tegen opzie. We moeten een heel eind de Oude Rijn af, niet het mooiste water, of beter de niet de mooiste omgeving, na wat we afgelopen 3 dagen bevaren hebben. Het is gelukkig droog en de zon schijnt. We ontbijten weer met een gebakken eitje met kaas. Een goed ontbijt is het halve werk.
We pakken alles weer in de kano’s, onder het toeziend oog van de andere vakantiegangers. Eén voor één worden de kano’s weer naar de waterkant gebracht. Na het opbergen van het karretje kunnen we weer. Nog een stuk De Meije naar de Ziendesluis. De één meter water die we eerder naar beneden zijn gegaan gaan we nu weer omhoog. Nog een klein stukje varen, onder de brug door en we zijn op de Oude Rijn. Eigenlijk gaat het erg lekker. De hefbrug van Alphen komt verbazingwekkend snel in zicht. Het is rustig op het water en we kruisen het punt waar de Gouwe overgaat in het Aarkanaal.

We hebben een straf windje tegen, maar varen toch een behoorlijk tempo.
In het centrum van Alphen aan den Rijn slaan we rechtsaf, onder een bruggetje door en aan de linkerkant leggen we aan bij een café; een leuk stukje binnenstad. We zwichten en eten een uitstekende lunch-pizza. Daar kunnen we op door!
Het laatste stuk naar de kanovereniging wordt zonder problemen afgelegd. We zijn eerder dan verwacht op de vereniging terug.
Al met al een avontuur, dat zéker voor herhaling vatbaar is.
We mogen ons gelukkig prijzen dat we, ondanks dat we midden in de Randstad wonen, toegang hebben tot zulke prachtige wateren.

Birgit, Marian en Marijke

 

Meer foto’s vind je hier

Gepost in Algemeen, Verslagen, Vlakwater | 1 Reactie

Rondje Razende Bol

Een duoverslag door Sophie en Saskia (cursief)

Eindelijk weer op avontuur! De tocht rondom de Razende Bol stond al langer op het programma, maar een tijd lang moesten we alle clubactiviteiten annuleren, en ik was even bang dat we dit seizoen helemaal niet meer op groot water konden varen. Maar nu durven we het wel weer aan. Met een klein groepje ervaren vaarders, en ieder in zijn of haar eigen auto, maar toch…de zee op! Zelfs de autorit van Leiden naar Het Kuitje bij Den Helder lijkt plotseling exotisch: Zijpersluis, Burgervlotbrug, Sint Maartensvlotbrug, Blauwe Keet. Ik rijd met de ramen van mijn micra open, en geniet van de zon, het boerenland, en de bootjes op het Noordhollands kanaal.

 Op de heenweg rijden Frank en ik langs garage bakker, Frank verzint hun slogan ‘wij smeren uw auto, niet uw brood’, langs de verkoop van bloemen en bollen, ‘blumen und zwiebeln’ en een stuk in tegengestelde richting want daar is een tankstation. Frank wil er koffie drinken en naar de w.c. die buiten gebruik blijkt te zijn wegens corona. Onzin, tankstations hadden allang hun w.c.’s weer open. We fantaseren over op het terrein poepen en stront op het raam smeren. Ondertussen horen we de tomtom, Google Maps, voor de dubbelcheck, en mijn mobiel tegelijk snateren terwijl we op de rotonde de verkeerde afslag nemen. De telefoon, dat zijn Karka en Freek die ons in tegengestelde richting hadden zien rijden. Chaos.

Eenmaal aangekomen gaat alles voorspoedig, Frank houdt de briefing over het eerste deel van de tocht. We fantaseren dat er hoelameisjes en jongens zullen zijn op Texelse strand. Op het slik lopen pluis babyeendjes en hun zwart, wit, bruine ouders.  Freek groet zijn oude kano, nu de mijne, en hij raadt mij aan om hem zo te slepen dat er geen zand in de scheg komt. Hij zegt dat hij ook vaak met scheg voer met deze kano, iets waar ik mij voor schaam het nodig te hebben.

De route gaat van Het Kuitje naar Texel, met een kleine pauze op de Hors, dan linksom via Razende Bol en met flinke stroom mee terug naar het startpunt. De weersvoorspellingen zijn goed: zon, beetje wolken, en windkracht 3-4. Ideale omstandigheden. Razende Bol is de naam die de bewoners van Texel hebben gegeven aan Noorderhaaks, een van de ondieptes in het Marsdiep. Je zou het zelfs een van de nieuwe waddeneilanden kunnen noemen.

Het gebied tussen Den Helder en Texel staat bekend als dynamisch. Door de verschillen in diepte tref je er op één en dezelfde dag uiteenlopende omstandigheden en golven aan, ideaal gebied dus om je kano-skills te trainen. Vanaf het Kuiltje starten we vlak, met overal om ons heen kleine waterkolkjes die stroming aanduiden. De oversteek naar de Hors biedt heerlijke deining van opzij. Als we na een pauze via de westzijde om Noorderhaaks keren zien we plotseling overal schuimkoppen. De branding lijkt hier wel midden in de zee te liggen. Voor we het weten zijn we midden in een enorme klotsbak verzeild geraakt. Geen hoge golven, maar je moet blijven opletten want ze lijken wel van alle kanten tegelijk te komen.

Jacqueline lijkt dit alles niet te deren. Ze blijft de hele dag onverstoorbaar met hetzelfde ritme door peddelen. Het ziet er jaloersmakend elegant uit. Ik probeer meerdere keren achter haar te varen om haar peddelslag te imiteren, maar ik beuk en ploeter en raak telkens achterop.

Op het hoelastrand geen jongens en meisjes. We bespreken onze snoepherinneringen, Saskia en haar broer kregen een gulden mee naar het zwembad, groene kikkers, sleutelhangers, Jacqueline ziet de snoepwinkel van vroeger weer voor zich, Freek had af en toe een aanval en stortte dan zijn spaarpot leeg om zich misselijk te eten aan drop en salmiak. Karka gebruikt lege schelpen als vorm en maakt zandtaartjes, voor ieder één. Frank houdt voor weer een briefing. Terug op zee varen wij tussen twee brandingen door. Wij minus Frank, die horen we verderop joelen.

We passeren een strand met grijze zeehonden. Een aantal zwemt naar ons toe en Saskia en ik zien het figuur van een van hen door het lage water. Later blijkt dat dit dier ons gevolgd is, Freek wijst mij er op dat hij al een hele tijd achter mij aan zwemt. Ik voel mij uitverkoren en houd soms mijn peddel omhoog want het dier zwemt direct naast de kano. Later zwemt het naast anderen, niet meer uitverkoren.

Wanneer we aan de zuidzijde noorderhaaks passeren zien we overal koppies van grijze zeehonden die ons nieuwsgierig nastaren. Een dapper jong dier waagt het erop. Ik zie eerst zijn schaduw, rechts van mij vlak onder het water. Plotseling keert hij om en kijkt me verbaasd aan. Vervolgens vaart hij kilometers lang met ons mee. Hij maakt kurkentrekkers achter en onder onze boten, speelt met toggles en steekt af en toe blij zijn hoofd boven water. Wanneer we aan land gaan om te pauzeren blijft hij nog lang in de branding op ons wachten. Ik voel me bijna schuldig dat we dit leuke spel zomaar hebben afgebroken.

Groene zee, rafelige branding, vaal land, meeuwen strak wit op strak blauw, het lijkt een platte collage, deze effen kleuren op elkaar. We bespreken of we langs de bol varen, om esthetische redenen, of langs de kust om zo veel mogelijk gebruik te maken van de stroming, het wordt een compromis.

De wind is aangetrokken en inmiddels staat er een stevige branding. Ik duik er vol enthousiasme in maar wanneer er een fikse golf op me afkomt, buig ik van schrik achterover een steek mijn peddel in de lucht. Meteen voel ik een koude klets water op mijn buik. Brrr….. Ik baal, die peddel had ik natuurlijk in de golf moeten steken.

Tien minuten later heb ik geen tijd meer om na te denken over iets onbenulligs als een druppel water in mijn anorak. De golven slaan me om de oren, en ze volgen bizar dicht op elkaar. Waar komen die ineens vandaan? Het gebiedje blijkt wel degelijk op de kaart te staan, aangegeven met kleine rimpeltjes. Ik snap ineens waar de naam Razende Bol vandaan komt. Mijn Romany vermaakt zich ondertussen overigens prima. Als een blije hond die maandenlang niet in het bos is geweest vliegt ie door de golven, en maakt af en toe een grote vreugdesprong.

Op de terugweg stromen we in flinke vaart langs een groene boei, de mannen spelen in het keerwater, en bij de hoek naar het kuitje manouvreren we snel, anders spoelen we er aan voorbij. Een gewone zeehond steekt de kop boven water en Lepelaars zeven het wad.

Er wordt een aantal rollen gemaakt en ik sla mijn peddel ditmaal bijna op de kop van de pluiseendjes, vader en moeder vliegen schetterend door de lucht. Aan land vragen dikke mannen waar we het meeste rekening mee houden, stroming of wind. We bedanken Frank, een briefing in etappes beviel.

Frank rijdt achteruit weg want er loopt een pad met mieren voor de auto langs. We eten bij snackbar De Ooievaar. De eigenaar voedt de huismeeuw, hij noemt hem ´de keurmeester’ en vertelt dat hij op vrijdag kip eet op het Leidseplein ‘dan komt hij terug, onder de kip kruiden’. Hij heeft er een heel verhaal omheen en ik geloof het, tot ik bedenk dat op het Leidseplein helemaal geen markt is. Frank geloofde er al direct niks van. Een grijze kouw met lichte oogjes aast op onze patat.

20 juni 2020, 31,5 KMWanneer ik bij thuiskomst mijn navigatie-gegevens controleer blijken we bijna 32 km te hebben gevaren. Wat een heerlijke dag was dit! Volgens mijn navigatie hebben we wel over Razende Bol heen gevaren. Dat komt waarschijnlijk doordat het eiland wandelt. Langzaam maar zeker schuift het op richting Texel, op deze timelapse kun je dat goed zien. De kaarten lopen dus steeds een beetje achter op de werkelijke situatie.

Minder makkelijk verklaarbaar is dat onze maximumsnelheid volgens mijn gegevens 69,9 km/u is geweest. Het stroomde inderdaad wel hard dat laatste stukje langs Den Helder. Maar bijna 70.. dat moet toch wel een foutje zijn? Tegelijk denk ik, jawel, met een tochtleider als Frank, de snelheidsduivel in eigen persoon, bij wie het woord “gas!” op de borst staat getatoeëerd, kan je toch niet voor minder gaan…..

Deelnemers: Frank, Freek, Karka, Saskia, Sophie en Jacqueline

Meer foto’s door Frank, Saskia en Jacqueline

Gepost in Grootwater, Verslagen | Plaats een reactie

Eindelijk weer een tochtje!

Zondag achtentwintig juni, om acht uur op de club, een beetje vroeg… maar een echte tocht begint altijd vroeg. Toen ik op mijn fiets aankwam waren we compleet, 6 mensen, Frank zou later op het Vennemeer aansluiten. De eerste vlakwatertocht na alle coronaperikelen. Het mag weer!

 

Maarre, vlakwatertocht? Wat betreft de windkracht (een goede 5 met uitschieters naar 7) kon het beter een grootwatertocht genoemd worden.
Heerlijk! Met de wind in de rug voeren we de Does af naar de Stingsloot. Toen moesten er een paar regenjasjes aan en schuilden we onder een brug. Verder naar het Vennemeer. Frank kwam ons al tegemoet en werd enthousiast door ons begroet. Hij en Jaap, onze vaarleider, leidden ons naar de Laeckmolen waar we in de luwte onze koffie met een koekje nuttigden. En ja hoor, de wind trok aan, wij keken over ons begroeide dijkje heen en daar zagen we een hele mooie wolk op ons afkomen. Ik kroop in mijn knalroze poncho en anderen in het feloranje tentje van Jaap.

Na het verfrissende buitje probeerden we weer in onze boot te komen. Ach ja, lager wal en nog wat golfjes met schuimkop; er klotste zo hier en daar wat in de kuip. We kregen de opdracht van Jaap om richting de Ringvaart te varen, langs de oever voor de wat rustige vaarders en midden over de Kaag voor de rest. Joepie!!! Surfend vlógen we binnen een kwartier de Ringvaart op om vervolgens het Kaageiland te ronden. Daarna voeren we een stuk rustiger naar de Koppoel waar we bij de Lijkermolen 2 uitstapten om wat te lunchen. Eindelijk kon ik mijn zelfgemaakte salade eten.

Ons laatste stuk bracht ons via de Zomersloot, altijd mooi, naar de splitsing waar we Frank gedag zwaaiden. Wij linksaf naar Oud-Ade. Daarna door de Vaarsloot, op een of andere manier een stuk saaier, en weer naar de Stingsloot. Op de Does kregen we een ware uithoudingsproef. Buffelend tegen de wind in bereikten we allemaal de kanosteiger. Proef en tocht geslaagd!

 

Jaap, bedankt en hopelijk weer veel fijne tochten.

Marian (foto’s van Alex)

Gepost in Verslagen, Vlakwater | Plaats een reactie

Twijfelaar

In het vroege voorjaar werden kampeerders en andere avonturiers opgeschrikt door het bericht dat de horeca inclusief campings tot nader order dicht zou blijven – volkomen terecht naar mijn bescheiden mening – om verdere verspreiding van het gevreesde virus zo veel mogelijk te beperken. Als kanovaarder/kampeerder moest ik dus op zoek naar andere mogelijkheden om op meerdaagse kanotochten de nacht door te brengen. Wild kamperen kan, maar wie gesnapt wordt kan een vette prent verwachten. Slapen onder de blote sterrenhemel dan, dat is toch niet kamperen? Daarmee riskeer je weer een boete voor landloperij ook al ben je niet lopend maar peddelend op je slaapplek gekomen.

Motorbootjes en zeiljachten mogen wél overal aanleggen of ankeren om er te overnachten. Nou ja bijna overal dan. Dat is toch niet eerlijk? Ik moest dus een manier vinden om op het water te slapen, maar hoe doe je dat in een kano met een kuipje van hooguit 90 bij 40 centimeter? In een zeekajak lukt het al helemaal niet om je lijf in de kuip te proppen tussen de bagageruimtes voor en achter.

Laten we bij Kano Rijnland nou een Klepper vouwkano hebben met een grote kuip. Met wat timmer- en naaiwerk heb ik de kano omgebouwd tot een soort kajuitboot met de deelbare peddel als tentpalen en een aangepaste tarp als tent. Lichtje in top, bagage in de punten, luchtbed en slaapzak uitrollen, en slapen maar. Wel even het paraplu ankertje goed vastleggen om te voorkomen dat het gaat krabben en ik de volgende morgen wakker word aan de andere kant van de plas (dat is een keer gebeurd).

 

 

 

 

 

 

De boot heeft twee zitplaatsen en is daarom vrij zwaar om in je eentje te peddelen, maar wie geen haast heeft (wie heeft dat wel in de kano? Hand opsteken graag) maalt daar niet om. Slapen met zijn tweeën gaat wat lastig met een kuipbreedte van 60 cm. Of je moet bovenop elkaar liggen maar dat houd je ook niet lang vol; hooguit een uur, als je elkaar lief hebt en een paar keer van positie wisselt. Kortom de Klepper is bij daglicht geschikt voor twee personen, maar wanneer de nacht invalt wordt het een eenpersoons boot.

Jaap

Gepost in Verslagen, Vlakwater | 2 Reacties

Levend water!

De man met de groene ogen wil de groene zee bevaren. ‘De Grevelingen kan
toch ook ?’ ‘Nee, ik wil levend water !’ Hij is al dagen aan het
voorbereiden; stromingsatlas, windguru.. Het is ons afgeraden om te
‘shoppen’, dat wil zeggen: Zoeken naar de meest optimistische
weersverwachting. Maar wat als je een realistisch beeld wilt hebben en
het ene model zegt dit en het ander dat ? De windsterkte is overal vier,
vijf, maar de vlagen variëren nogal per model.

Aan moeders ontbijttafel  bedenken we wat het ergste is wat ons kan
overkomen. Sophie: ‘Nou ja, dan zwem ik naar de kust.’ Frank: ‘Dat is
tien kilometer.’ Moeder: ‘Sophie is sterk hoor !’ We trekken
engelenkaartjes. Ik trek ‘vertrouwen’, Frank ‘avontuur’ en moeder
‘loslaten’.

Op het water drijft schuim in de vorm van zebra strepen en bolle
vlokken, als schapenwolken. We maken ruzie over de koers en de stroming
voelt anders dan verwacht. Frank moet vaak op mij wachten en wijst mij
erop dat Burghsluis al heel lang naast ons ligt. ‘Arme Frank’, denk ik,
want ik ben niet zo snel, ‘arme ik’ denk ik als ik door de golven
ploeter omdat mijn man dat zo romantisch vindt. Bovendien moet ik
plassen. ‘Ik moet plassen !’, roep ik hem toe. ‘Niet zeuren’, krijg ik
terug en ‘dan doe je het maar in je boot !’.

We varen op de GVR, Geul van Roggeplaat richting Zierikzee, belanden in
een klotserig veld en slaan af richting de geel uitgedroogde kust, recht
in de uitgestrekte armen van moeders baai. Fietsers zeggen ‘kayak’ en
dat ze dat ook wel eens zouden willen doen. Frank vraagt zich af of hij
de kwal kan aaien en strijkt over zijn rug alvorens het dier met ploing
ploing ploing bewegingen heen en weer te duwen, gewoon omdat het kan of
omdat het zo grappig voelt. Dat is mij dan weer bespaard gebleven.

De terugweg duurt, met stroming en wind mee en het regelmatig zetten van
een roer, minder dan een uur. Aan het strand van Burghsluis eskimoteert
Frank en we maken ruzie over een redding.

Het was een mooie dag.

*

Sophie

Gepost in Grootwater, Verslagen | Plaats een reactie

Woensdagavond vlakwater varen

Nu de regels voor sportverenigingen enigszins zijn versoepeld, maakt ook de Vlakwatercommissie een voorzichtige start met gezamenlijke activiteiten.

Nauwe Gein (foto: Alex)

De eerstvolgende tocht op het programma is het Biesbosch weekend op 27/28 juni, waarvoor een alternatieve dagtocht in de plaats komt.
Ook de andere tochten in het programma zullen anders worden ingevuld, maar wel zoveel mogelijk op de geplande datum.
Er zal minder of niet met auto’s naar de bestemming worden gereden, de meeste tochten zullen dus in de eigen regio zijn.

 

Het spreekt vanzelf dat je thuis blijft als je ziek of verkouden bent, of iemand in je gezin.

Deze week beginnen we met de woensdagavondtochten. Dat is dus vandaag al, 3 juni.
We vertrekken om 19:30 uur vanaf de club. Dat betekent dat je tussen 19:00 en 19:15 op de steiger moet staan, omgekleed en wel (de kleedkamers zijn gesloten), en je handen hebt gewassen in de nieuwe faciliteit in loods 3. Als we met veel deelnemers zijn dan moeten we verspreid over 20 minuten tot een half uur een boot pakken en instappen. Er mogen volgens het protocol maximaal 3 mensen op de steiger staan dus wacht rustig je beurt af. De Vlakwatercommissie let erop dat alles veilig verloopt en dat een onderlinge afstand van 1,5 meter wordt aangehouden. Na het varen maak je het clubmateriaal schoon en verlaat je het terrein. De bar is gesloten en het clubgebouw alleen geopend voor hoge nood.

Dat klinkt allemaal heel streng, maar de regels zijn er voor je eigen gezondheid, die van je mede-clubleden en om de goede reputatie van onze vereniging te behouden. Als we zelf geen maatregelen nemen dan doet de gemeente dat voor ons, wat we uiteraard willen vermijden. We laten ons vaarplezier niet door regels bederven.

Tot ziens op het water,
Jaap de Lange

Gepost in Vlakwater | Plaats een reactie

Bar nu echt gesloten

Het bestuur heeft onlangs het beleid t.a.v. corona voor onze vereniging vastgesteld. Voor het clubhuis geldt onder meer het volgende:

Kom zo weinig mogelijk in het clubhuis.
De gang en trap zijn smal en afstand houden is slecht mogelijk. Drie personen zal in praktijk al veel zijn. Meer is niet toegestaan. Check of er mensen zijn op de plaats of route waar je zijn moet en wacht zo nodig buiten.
De bar is dicht.
Ook is het clubhuis niet beschikbaar om te blijven zitten, te vergaderen of te eten. Ook koffie- of theezetten is niet toegestaan. Neem water voor drinkflessen van huis mee. Blijf van het servies af.

De barcommissie ziet het als haar taak het door het bestuur ingezette beleid te ondersteunen en uit te voeren. Iets waar we bijzonder serieus mee omgaan.

Wij willen en kunnen het gebruik van de verenigingskantine/bar gedurende de coronacrisis niet faciliteren. Omdat de kantine niet kan worden afgesloten (we willen allemaal dat de toiletten bereikbaar blijven) hebben wij besloten om alle kantine gerelateerde zaken (voedsel, drank, koffiezetapparaat, etc.) op te ruimen.
Op deze manier hebben we feitelijk geen kantine/bar meer.
Dit zal zo blijven totdat aanpassingen in het protocol het openen van de kantine weer mogelijk maken.

We begrijpen dat deze maatregel als ingrijpend kan worden ervaren.
We willen allemaal geen risico met onze gezondheid lopen en ook de club open houden.
Met corona kunnen we geen enkel risico lopen. Er zijn leden voor wie corona bijzonder bedreigend is.

Dat we kunnen blijven varen is belangrijk voor iedereen !!!

We vertrouwen op jullie begrip,

De Barcommissie

Gepost in Algemeen | Plaats een reactie

Handen wassen

Sinds vrijdag-avond hebben we in loods 3 een wasbak zodat iedereen nog buiten zijn handen kan wassen.

Gepost in Algemeen | 3 Reacties

Aanpassingen LKV Rijnland

Voordeur

Recent zijn er, om technische redenen, aanpassingen gedaan aan de voordeur, het sluiten ging vaak moeizaam en leverde beschadigingen op aan de deur en kozijn. Om dit te verhelpen zijn de slotplaten bijgesteld. Tevens is de slotplaat en de krukset vervangen. Hierdoor kan een ieder nu hopelijk makkelijker openen en afsluiten. De gekozen slotplaat heeft voor sommige leden mogelijk wat extra uitleg nodig. Bij deze.

We hebben gekozen voor een slotplaat met zn. kerntrekbeveiliging. Hierdoor wordt het moeilijker om het slot uit te boren. In plaats van een zichtbare cilinder zie je nu een plaatje met gleuf, deze kan in een willekeurige stand staan. Om de sleutel in de cilinder te kunnen steken moet je eerst met je sleutel het plaatje in verticale stand draaien. Pas daarna kan je de sleutel doorsteken in de cilinder en de deur openen.

Plaatje in willekeurige stand

Plaatje in verticale stand

Om af te sluiten de deurkruk omhoog bewegen en weer terug laten komen in horizontale stand. Het is niet meer noodzakelijk deze vast te houden in de hoge stand.

Douches

Recent zijn de drukknoppen vervangen. Verder zijn op dit moment de douches afgesloten, we maken hier gebruik van door in deze periode de douchewanden te laten zakken zodat er geen water meer onder de douchewanden spat.

Verlichting

Ook aan de achterzijde van het clubgebouw wordt momenteel verlichting geplaatst zodat ook de steiger hier in het donker goed zichtbaar is. Natuurlijk maken we gebruik van energiezuinige LED-armaturen.

Gepost in Algemeen, Buurman & Buurman | 1 Reactie