Verkeerde afslag

Gorishoek – Rattekaai 10 juli 2022

Deelnemers: Elly, Femke, Sophie, Mathijs, Rob, Leen, Frank, Jaap
Tochteider: Jaap
Tekst redactie: Sophie
Foto’s: Leen, Jaap, Elly
Zonder veel moeite kunnen we, dachten we, naar de kreek van Rattekaai varen.
‘Gedwaald maar niet verdwaald,’ zal men later concluderen want deze kreek is toch anders dan bekend.
Op een rij liggen we, klem in de kreek, te wachten tot het snel opkomend tij ons steeds een stukje verder optilt.
Dan kunnen we weer vooruit.
Daar liggen we dan, een sliert kano’s op een doodlopend pad in het zwarte water. Het werkt op mijn lachspieren als ik er aan terug denk, stel je loopt daar en je ziet die kano’s en hun vaarders zo stil liggen in een doodlopende modderkreek. “Wat doen jullie?”
De modder is glad als de huid van een nijlpaard, met gaatjes waar insecten uitlopen en met krabben die zijwaarts hun pad vervolgen. Er wordt een peddel naar een krab uitgestoken, het dier valt aan en hapt er in. We zien de pootafdrukken van een ander dier, iets met met nagels.
Vooruit komen doen we door te bomen, de peddel verticaal in de modder duwen om af te zetten. Sommigen strekken hun armen uit en laten de peddel horizontaal over het vaste land wandelen. Dit voortbewegen wordt later samengevat als ‘slijk sluipen’. Men vindt het een heerlijk gevoel om door het water opgetild en meegenomen te worden, steeds ietsje verder. Soms verschijnt een peddel in de lucht, daar zit dan iemand. De achterhoede zijn we op een gegeven moment verloren, zouden die een andere arm hebben genomen? Mathijs stapt uit en loopt een stukje terug, vindt de achterhoede en overlegt. Dat het er toch anders uitziet dan de vorige keer.
Voor de lunch trekken we de kano’s op het droge, bloeiend lamsoor, subtiele paarse trosjes. Deze, ‘echte’, lamsoor is niet eetbaar. Wel eetbaar is de zeekraal die op lager gebied te vinden is, waar we de kreek weer uitvaren. Iets duikt er steeds weg en zwemt lange tijd onder water, een vogel, blijkt. We zien meer vogels waar wij de naam niet van weten.
Het duurt even voordat we kunnen vertrekken, een kano is dwars komen te liggen, met voor en achterpunt in de modder, ons eigen Suezkanaal incident.
Terug varen we rechtstreeks, hemelsbreed korter, minder voordeel van stroming mee dan als we via de geulen zouden varen. De boei geeft geen stroming aan, de kentering is nog bezig en we hebben tegenwind. Vogels boven de visnetten nemen af en toe een duik. “Ik weet niks van vogels” geeft iemand toe, “maar als ik ze een naam mocht geven zouden ze visdiefjes heten.” “Het zíjn ook visdiefjes,” klinkt het in koor. Tegen de achtergrond van sferisch blauw, boven intens en onder vermengd met wit, drijven wolken in zachte vegen. Hier hadden we pauze op de heenweg, nu hakken we door. Een enkeling waagt een rol en behouden komen we weer aan.
Kijk hier voor de foto’s
This entry was posted in Grootwater, Verslagen. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.