Een micro-avontuur tussen Ravenstein en Leiden

Vertrek in Ravenstein

Twee jaar geleden verhuisde mijn zus van mijn geboortedorp Herpen naar Ravenstein. Ze woont er op loopafstand van de Maas. Toen ik de eerste keer op bezoek was en uitkeek over het water, vroeg ik me direct af of ik ook via het water bij mijn huis in Leiden zou kunnen komen. In juni 2021 heb ik de tocht eindelijk gemaakt. In mijn eentje ben ik in vier dagen van Ravenstein naar Leiden gepeddeld, via Maas-Waal-Merwedekanaal-Lek-Hollandse IJssel-Lange Linschoten-Oude Rijn.

De kayak geeft je een positieve kijk op de wereld. Je krijgt het idee dat Nederland heel leeg is, en dat iedereen zich te voet of op de fiets voortbeweegt. En als je met mensen in gesprek raakt, dan zijn ze vol bewondering voor je sportieve prestatie. Ik houd natuurlijk graag dat idee in stand, ook al weet ik zelf beter. Ik heb alleen maar op mijn gemakje gepeddeld. In mijn eentje kanoën geeft me bovendien altijd een super relaxed gevoel, het idee dat er geen echte problemen zijn, alleen avonturen (met goede afloop uiteraard).

Dag 1 Ravenstein-Herwijnen (48 KM)

Als ik op vrijdagochtend om zes uur wakker wordt in Ravenstein, is het onduidelijk of het alweer licht is, of nog steeds.  Door de warmte heb ik niet echt lekker geslapen. Ik verheug me op de komende dagen, niet alleen het varen maar ook het overnachten in mijn tentje. De kano staat ingepakt klaar, en om zeven uur lig ik al in het water en word ik uitgezwaaid door mijn familie. In het ochtendlicht is de Maas op haar mooist. Na elke bocht een andere kerktoren, het dorpje dat past in je hand. Geen auto, boot of levend wezen. Alleen bij Batenburg zie ik in de verte een busje rijden, ergens bovenop een berg, zo lijkt het.

Je vraagt je altijd weer af hoe het past…

Wanneer ik de sluis in Lith nader moet ik even flink aanzetten, er liggen al wat boten in de sluis en ik wil mee. De sluis in het kanaal van Sint Andries nadert hierna snel, maar volgens mijn informatie is deze afgesloten. Ik had ter voorbereiding eindeloos op Google Maps zitten turen om erachter te komen waar ik het water uit kon, en er weer in. Pas als ik met mijn karretje aan de andere kant sta, en me vertwijfeld afvraag hoe ik in hemelsnaam vanaf de hoge wal weer in het water raak met een kano die 40 kilo weegt, zie ik dat er toch sloepen  doorheen gaan. Snel loop ik terug naar mijn uitstapplek, hup mijn kar weer in de boot, opnieuw door de poepbruine algen, en snel aansluiten bij de rest van de vloot.  Varen op de Waal is heerlijk, golven, wind, ik surf net buiten de vaargeul mee met de binnenvaartschepen en voor ik het weet ben ik bij de camping.

Dag 2 naar Boer Bertus aan de Lek (41 KM)

Ik ben al vroeg vertrokken, en als de sluiswachter van Gorinchem om negen uur start met schutten lig ik klaar voor de sluis. Gisteren moest ik op de camping cash afrekenen en ik had niet genoeg geld bij me. Vandaag dus toch maar even in het centrum van Gorinchen aangelegd en in mijn eeuwig charmante kano-outfit naar de pinautomaat gewandeld. Gelukkig heeft de hoge uitstap voor mij geen geheimen meer. Het Merwedekanaal is minder saai dan ik dacht, maar dat kan ook liggen aan het vele groen, de klaprozen, en de jonge futen en waterhoentjes. Juni is ook wel echt de mooiste maand van het jaar voor een kanotocht. Het eerste probleem dient zich aan wanneer ik er bij Vreeswijk achter kom dat de sluis vanaf de Lek hier dicht is. Stom, dat had ik dus recent niet meer gecontroleerd. Ik besluit naar de passantenhaven te varen, hier kan vast iemand me verder helpen. Als ik het haventje binnenkom word ik verwelkomd door een uitbundig klappend ouder echtpaar. Hé, zijn dat niet dezelfde mensen die ik heb gezien in de sluis van Lith? Ze kunnen er met hun verstand niet bij dat ik er net zo lang over heb gedaan als zij: “ geloof het of niet, maar wij zijn hier ook pas een uur geleden aangekomen”.  De havenmeester wijst me op een fietspad verderop aan de Lek. Mogelijk kan ik hier uitstappen en dan voorbij de sluis een plek zoeken waar ik er weer in kan? Omdat ik door de binnenstad moet varen met vooral grachten geef ik mezelf weinig kans.

Later op de camping bij boer Bertus bedenk ik een beter plan: als het me lukt om aan de overkant van de Lek mijn kanokar bovenop de dijk te trekken dan kan ik naar de Enge IJssel lopen, een boerensloot met lage walkanten. Deze sloot loopt via de Kromme IJssel over in de Hollandse IJssel, en dan ben ik weer terug op mijn oorspronkelijke route. ’s Avonds wordt er uitbundig feest gevierd op de camping. André Hases Jr schalt uit de speakers en iedereen zingt mee: “Leef, alsof het je laatste dag is…..lalalalalalala”. Wat heerlijk dat het weer kan, een feestje vieren na al die donkere maanden.  Goeie tekst ook. Ik lig glimlachend in mijn tent en slaap binnen tien minuten.

Dag 3 naar natuurcamping De Boerderij (32 KM)

Wanneer ik ’s ochtend om zeven uur mijn zware kanokar door het rulle zand probeer te trekken is het lachen me even vergaan. Na een paar meter verlies ik een borgpen in het hoge gras en schiet mijn kano van de kar. Dat gaat me natuurlijk nooit lukken in mijn eentje. Een stukje verderop zitten twee oudere mannen te vissen. Een van hen schiet gelukkig te hulp en even later staan we puffend met de kano bovenop de dijk. Ik bedank de man uitgebreid, blij dat ik weer door kan. En hoe?! Het is een prachtige sloot waar ik even later op zit, overal bloemen, hazen springen door het gras, zelfs de groepen ganzen gaan niet opzij als ik voorbij vaar. Vlak voor Nieuwegein kom ik langs een volkstuinencomplex, prachtig gelegen in het groen. Een vrouw staat naakt in haar tuin en hangt de was op. Ach…als ik in het paradijs zou wonen deed ik geloof ik ook geen kleren aan. Omdat het zondag is én mooi weer, kom ik de rest van de tocht over de Hollandse IJssel en Lange Linschoten veel sloepen tegen. Ik krijg veel thumbs up en vrolijke opmerkingen over mijn tempo, vooral als ze horen wat mijn route is.

De Lange Linschoten in de ochtend

Als ik aankom bij de boerderij aan de Lange Linschoten waar ik heb gereserveerd, kom ik er al snel achter dat “camping aan het water” een relatief begrip is. Om bij het kampeerveld te komen moet ik eerst over een rotte steiger klauteren, mijn kano een anderhalve meter hoge trap optillen en dan nog een paar honderd meter mijn kar over een grindpad trekken. Als ik over het terrein van de boerderij loop op zoek naar eigenaars stuit ik op twee vrouwelijke campinggasten. Zij blijken met een hele groep op de camping te verblijven om samen de eerste wedstrijd van het Nederlands elftal te kunnen bekijken. De mannen in het gezelschap worden direct opgetrommeld en met vereende krachten wordt de boot naar de weg getakeld.

Dag 4 naar huis (41 KM)

De laatste dag biedt weinig verrassingen. In het ochtendlicht vaar ik richting Woerden, met naast mij wederom walkanten vol klaprozen en margrieten. Als ik in Woerden de Oude Rijn opdraai dan is het blik op oneindig en verstand op nul. Onderweg fantaseer ik over mogelijke alternatieve routes naar Leiden, zoals via het Aarkanaal of de Heimanswetering. Ik heb duidelijk helemaal geen zin om naar huis te gaan. Wanneer ik ‘s middags bij het clubhuis aankom rest me nog maar één ding: de hele weg heb ik eraan zitten denken, maar ik durfde het toch niet. Maar er blijkt niks bijzonders aan te zijn. Rollen is rollen, ook met een volle boot. Best een geruststelling.

 

Extra: tochtplanning

Ik kreeg van verschillende kanten de vraag hoe ik mijn vierdaagse had voorbereid. Omdat ik geloof dat iedereen een dergelijke tocht kan maken, deel ik graag wat tips. Een meerdaagse kanotocht is namelijk een ideaal micro-avontuur: eenvoudig, kort, lokaal en goedkoop. Dus niet alleen mannelijke, maar ook vrouwelijke kayakkers raad ik aan: ga solo!

De finish!

Het voorbereiden van de tocht is voor mij onderdeel van de lol. Je hoeft ook echt niet meteen in je eentje heel Nederland door te kayakken. Begin bijvoorbeeld eerst eens met één overnachting, en voeg er elk volgend jaar een dag aan toe. Voor de tochtplanning maak ik gebruik van een combinatie van Google Maps, de ANWB vaarkaarten en de app Vaarkaart Nederland. Allereerst bepaal ik het aantal dagen, en hoeveel kilometer ik ongeveer per dag wil varen. En dan ga ik eerst maar eens het een en ander zitten uitproberen in Google Maps. Onder de rechtermuisknop zit een optie genaamd “afstand meten”, dat is erg handig om een route uit te zetten. Op Google Maps kun je ook zien welke campings aan het water liggen. Het is aan te raden om ook nog even te kijken op de satellietversie van Maps, en ook op Google Streetview. Zo kun je controleren of je het water wel uit kan, en hoever je moet lopen tot aan het kampeerterrein.

Tolbrug in Nieuwerbrug a/d Rijn

De Vaarkaart Nederland bevat allerlei handige informatie zoals betonning, maar ook de openingstijden van sluizen, obstakels onderweg en stremmingen worden vermeld. Het loont de moeite om een betaalde versie te nemen, die kost 7,99 per jaar. Grootste voordeel is dat je ook offline van de kaarten gebruik kunt maken, ideaal onderweg als je geen toegang hebt tot Wifi. De vaarkaarten van de ANWB zijn handig ter voorbereiding, maar voor onderweg op je dek. Je hebt in één oogopslag een overzicht van je route, en je weet ook zeker dat een watertje dat op de kaart wordt vermeld ook echt bevaarbaar is. Ga er in elk geval nooit vanuit dat je wel gebruik kunt maken van je telefoon. Voordat je het weet is de batterij leeg en sta je met lege handen. En je zal zeker niet de eerste zijn wiens telefoon is geëindigd in het water. En blader ter inspiratie ook eens door het boek Kanoparadijs Nederland van Jolanda Linschooten & Frank van Zwol. Hierin staan veel voorbeeldroutes uitgewerkt, waar je ook delen van kan hergebruiken. Ik leg mijn route meestal ook aan enkele meer ervaren kayakkers voor. Zij zijn vaak beter op de hoogte van de meer en minder geschikte vaarwegen. Mijn oorspronkelijke plan was om dit jaar via de Biesbosch naar Leiden te varen, maar dat werd me uiteindelijk afgeraden. Het is niet echt relaxed varen op de Merwede en Nieuwe Maas, en ik zou enkele gevaarlijke oversteken moeten maken. Door al bij Gorinchem het Merwedekanaal op te gaan kon ik de drukste delen vermijden.

Nu nog even de kano-benen bij laten kleuren…

Wanneer ik de route globaal op papier heb staan dan begint het echte puzzelen. Het is vooral een uitdaging om campings te vinden op de juiste vaarafstand. Houd daarbij ook rekening met de stroming. Sommige rivieren zoals de IJssel en de Waal stromen flink, waardoor je veel grotere afstanden kunt afleggen (mits je met de stroom mee vaart natuurlijk). Wild kamperen kan natuurlijk ook, en in dat geval is het zeker aan te raden goed op de hybride versie van Google Maps te kijken. Zo kun je (hopelijk) zien of er bijvoorbeeld een drukke weg langs het water loopt, waar je kunt uitstappen en of je een beetje verdekt kunt kamperen.

Het is ook aan te raden om te controleren of de sluizen onderweg open zijn en op welke tijdstippen. Ik heb me daar dit jaar behoorlijk in vergist. De sluis vanaf de Lek naar Vreeswijk was namelijk dicht vanwege renovatie, en het kanaal dat ernaast loopt wordt niet afgesloten met een brug (zoals ik op de kaart meende te zien) maar met een dam. Daar kwam ik helaas pas ter plekke achter. Gelukkig liep alles met wat improvisatie goed af en kon ik snel mijn weg vervolgen.

Saskia van Bergen

This entry was posted in Grootwater, Verslagen, Verslagen, Vlakwater. Bookmark the permalink.

1 Response to Een micro-avontuur tussen Ravenstein en Leiden

  1. Jeroen Boggia says:

    Geweldig Saskia!

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.