Kinderdijk en hoe een baby werd gered door een kat

Deelnemers: Leen, Marijke, Julienne, Alex, Femke, Gezinus, Nel, Femke, Jaap, Jos, Birgit en vaarleider Leon.

Een tocht van 27 kilometer en voor de liefhebbers nog een lus van 3 kilometer extra. Oei, wel een eind. Maar Kinderdijk, Unesco Wereld erfgoed, is vanaf land al heel mooi, maar moet vanaf het water, waarvoor het is aangelegd, nog veel mooier zijn. Overigens verbaasde het me, dat een aantal van onze kanoërs nog nooit in Kinderdijk geweest was!

Een stukje geschiedenis: 1000 jaar geleden was het gebied een veenmoeras, omringd door grote rivieren. Toen er bewoning kwam wilde men de huizen beschermen tegen het woeste water. Er kwamen dijken. Om binnen de dijken het water af te kunnen voeren naar de rivier, bij laagtij, kwamen er sluizen op het meest lage gebied. Dat punt was Kinderdijk.  De St. Elisabethvloed in 1421 verwoestte de dijken en doodde een groot deel van de bewoners.

De legende gaat, dat er na het zakken van het water een mandje op de teruggetrokken rivier dreef, met daarin een baby. En er op een kat die het mandje in evenwicht hield. Het baby’tje werd gered (wat er met de kat gebeurde vermeldt het verhaal niet!) en hierdoor is misschien de naam Kinderdijk ontstaan.

 

Het gebied werd opnieuw ingepolderd. Door de daling van de bodem, waardoor het lastiger werd het water af te voeren,  werd naar andere oplossingen gezocht en dat bleken molens. Er staan er nog 19 in dit prachtige polderland. Inmiddels geholpen door een gemaal. Van over de hele wereld komen bezoekers naar dit stukje Nederland kijken, naar de voorlopers van onze Deltawerken zeg maar.

Het was weer vroeg op om de boten te laden en naar het dorp De Donk te rijden. De Donk, nog nooit van gehoord en dat bleek niet zo gek, want het is wel heel klein en de weg houdt hier letterlijk op. (De Donk heeft de naam te danken aan het feit dat het op een zandduin, een donk, is gelegen van 4,7 meter hoog.) De instap was prima. Na enige tijd voeren we richting Kinderdijk over een breed water. Een roerdomp vloog vlak boven ons. Een kadootje; Deze grote vogels verstoppen zich doorgaans in het riet, met hun grote snavel recht omhoog, waardoor ze niet opvallen.
We varen met de stroom mee langs het hoge riet. Het is stil rondom, behalve het fluiten van vogels. Het is licht bewolkt, droog en de temperatuur is prima.
Al vrij snel komen de eerste molens in zicht en kort daarna komen we bij de steiger in Kinderdijk, waar we moeten overdragen. Tijd voor koffie! En wat te eten. Behalve de molens zijn wij nu met onze kano’s voor de niet al te talrijke toeristen een bezienswaardigheid.
Een eend met drie kuikens zwemt in de buurt van de steiger. Ze pikken kruimels uit het water. Ook de kleintjes duiken al behoorlijk en komen nagenoeg droog weer boven. Mooi zoals de natuur werkt. Aan de overkant is langs de oever een stern op vis aan het jagen. Een mooi gezicht, die duikvluchten.

We dragen na de stop over en varen in een smallere sloot  verder. De eerste druppels regen vallen. Twee jongens van een jaar of 12, 13 kijken vanaf een brug jaloers toe. Ze vertellen dat ze die dag hadden willen kanoën, maar van hun moeder niet mochten vanwege de kans op onweer.
Het blijft wat druppelen, maar net niet genoeg om mijn anorak aan te trekken.

Drie van ons doen de lus van 3 kilometer, de rest vaart rustig Oud Alblas binnen. Intussen gaat het harder regenen en onweren en als het onweer snel dichterbij komt willen we toch wel graag het water af. Bij een camping met aanlegsteiger snapt men het duidelijk niet en is mededogen ver te zoeken; verboden aan te meren is hier echt verboden aan te meren. En ‘op het water is het bij onweer minder gevaarlijk dan op land.’ Ja ja, zo op leeftijd en kennelijk nooit wat geleerd. Gelukkig kunnen we aan de overkant wel aan land en wordt hier de kille ontvangst van eerder op de camping meer dan goed gemaakt. We krijgen nog net geen drankje aangeboden, maar dat is waarschijnlijk omdat net de GP van Monaco start en de drie mannen even hun aandacht bij de buiten onder het afdak geplaatste tv  willen houden vanaf hun loungebank.  De drie van de lus sluiten in de regen aan.

Als het onweer wegtrekt en de regen nagenoeg ophoudt helpen we elkaar weer in de kano’s en varen we verder. Een mooie slingerende tocht langs de achtertuinen van onder ander Oud Alblas en Bleskensgraaf. In de laatste plaats moeten we weer overdragen. Ditmaal naar een klein slootje, waar uit de bodem, op het moment dat we in de kano’s stappen, het moerasgas omhoog borrelt. Nel is de eerste en we vrezen even dat ze, als ze op de volgende moet wachten, door het gas bedwelmd raakt. Maar gelukkig gebeurt dit niet. We varen door een prachtig poldergebied verder. En ineens zijn we bij onze uitstapplek. Ditmaal geen moerasgas maar verse mest waar we door moeten. Voor de variatie!
Al met al een hele mooie tocht. En die 27 kilometer bleek voor niemand een probleem te zijn.

Leon, bedankt voor het uitzetten. Ik heb genoten.

Birgit
(Meer foto’s zie je hier)

Dit bericht is geplaatst in Verslagen, Vlakwater. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.