Veilig het water op

Foto KNRM

 

 

 

 

(Uit de Vaarkrant, zo 23 feb 2014)

Door Eline Akkermans
Foto’s KNRM

AMSTERDAM – 

De discussie over veiligheid in de watersport laait op. Aanleiding zijn cijfers van Rijkswaterstaat waaruit blijkt dat er zich vorig jaar een recordaantal van 473 ongelukken op het water voordeden. De Vaarkrant brengt als onderdeel van die discussie in kaart op welk vaarwater je bovengemiddeld veel stroming, ondieptes of scheepvaartverkeer tegenkomt. We maken een rondje langs deze gebieden en vragen experts om hun mening.

De Maasmond, het kustgebied waar de Maas en de Rijn uitstromen in de Noordzee, is een van de drukste vaarwateren van de wereld. De Maasmond is het aanloopgebied van de Rotterdamse haven. Scheepvaart en recreatievaart kruisen elkaar. De stroming in de Nieuwe Waterweg, het laatste stuk van de rivier, kan oplopen tot wel vijf knopen. Ondertussen denderen hier schepen voorbij met 20 knopen. Het aanlopen van bijvoorbeeld de haven van Maassluis met harde westenwind terwijl het net afgaand tijd is, is het ergste scenario. Dat wordt dus wind tegen stroom. Als je niet heel goed oppast word je er met je schip tegen het havenhoofd gezet.

Westerschelde

De Vaarkrant-2Een ingewikkeld stuk om te varen is de Westerschelde, de monding van de Schelde. Dit is het vaarwater vanaf de Belgisch-Nederlandse grens tot aan de Noordzee. Beroepsvaart en recreatievaart komen er elkaar tegen. ,,Er zijn in de Westerschelde veel smalle geulen waar vrachtverkeer moet draaien”, aldus eigenaar Pieter Visser van Zeezeilschool Scheveningen. ,,Vooral de Sardijngeul bij Vlissingen is berucht.  Je moet goed opletten dat je jezelf niet in een verkeerde positie manoeuvreert.” Op de Westerschelde geldt verder het Westerschelde-reglement. Hier dient rekening mee gehouden te worden, want dit zijn andere regels dan op de andere vaarwateren in Nederland.

Prinses Margrietkanaal

,,Het is elk jaar raak qua ongelukken op het Prinses Margrietkanaal’’, aldus Derk Glasbergen van Zeilschool de Kikkert in Lemmer. ,,Ik vaar hier nu al 35 jaar, ik ben zeilinstructeur en ik kan het mij niet herinneren dat er één jaar bijzat dat er geen ongeluk plaatsvond’’. Het Prinses Margrietkanaal loopt van Lemmer naar Groningen. Ook dit is gevaarlijk vaarwater omdat beroepsvaart en recreatievaart elkaar er voortdurend kruisen. De scheepvaart heeft hier altijd en overal voorrang op de recreatievaart. Hoge beroepsschepen zorgen voor slecht zicht en de recreatievaarder heeft dit niet altijd door. Als je zelf de stuurhut en de schipper van een binnenvaartschip niet kunt zien, dan ziet de schipper jou ook niet.

Toevluchtsoorden

Hoe groot de dode hoek van een schip is, hangt af van het type schip, de lading en de hoogte van de stuurhut. De dode hoek van een binnenvaartschip kan tot 350 meter groot zijn. Blijf dus uit de dode hoek. ,,Het Prinses Margrietkanaal moet worden gebruikt om van A naar B te varen of om over te steken naar het IJsselmeer’’, zegt Glasbergen. En dus niet om er te recreëren. Zeilers mogen op het Prinses Margrietkanaal volgens het verkeersreglement alleen rechts varen en dat alleen wanneer de motor stand-by staat. Voor de recreanten zijn de naastgelegen meren zoals het Sneekermeer, Slotermeer en het Brekken Meer prima toevluchtsoorden.

Eierlandse Gat

De Vaarkrant-3Het Eierlandse Gat tussen Vlieland en Texel staat bekend om haar ondiepten en sterke stromingen. Geulen en ondiepten verplaatsen zich voortdurend waardoor veel verschillende en afwisselende zandbanken ontstaan. Het stroomt er tot wel vijf knopen en is daardoor extreem lastig om te bevaren. De stroom verandert, de diepte verandert, en dat alles in een razend tempo.

Wegblijven

Vanwege de vele zandbanken bij het Eierlandse Gat raken schepen er dan ook vaak de grond. Tot op de dag van vandaag ligt hier een oud koolschip uit de Tweede Wereldoorlog en wanneer het water laag staat, is dit schip te zien. ,,Vanaf de zandbanken kun je in deze geul soms lokaal bekende kitesurfers en gevorderden op het gebied van catamaranzeilen bezig zien’’, aldus Charles Douma, KNRM-schipper op Texel., De conclusie van hoofdschipper Wim Molog van de KNRM op Vlieland luidt: ,,Om het Eierlandse Gat op te kunnen moet je een gevorderde zeiler of motorbootvaarder (of zeekanoër, JdL) zijn. Anders moet je er wegblijven.’’

 

Dit bericht is geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *